Onderscheidingen aan Nederlanders voor de Politionele Acties 1945-1951
Laan - Muskita
Laan, G.P.A. van der
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 14 van 4 januari 1949
Dienstplichtig korporaal van het Wapen der Cavalerie
Bron: BL/BK blz. 227
Labage, Gideon
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 32 van 30 november 1949
Politieagent der tweede klasse bij de dienst van de algemene politie in Indonesië
Heeft zich door moedig optreden tegenover de vijand onderscheiden door op 12 Januari 1949 tijdens een gevechtsactie tegen terroristische benden in het district Galela van de onderafdeling Tobelo (Halmaheira).
Ingedeeld bij een politiepatrouille van 6 man, onder commando van een politieagent 1e klasse, nam hij deel aan een actie tegen een ongeveer 30 man sterke en goed bewapende verzetsbende, die was uitgerust met mitrailleurs, karabijnen en handgranaten en die zich in een tevoren gereed gemaakte stelling hadden verschanst.
Ondanks de vijandelijke overmacht tastte de patrouille met grote onverschrokkenheid de vijand krachtig aan en drong, zonder zelf verliezen te lijden, de stelling binnen, waarbij 3 verzetslieden sneuvelden, 3 gewond werden en 4 gevangen genomen werden, terwijl de rest, onder achterlating van o.a. 6 mitrailleurs en een grote hoeveelheid munitie, de vlucht nam.
Door het vernietigen van deze verzetskern werd bereikt, dat gedurende enkele volgende dagen ongeveer 70 personen konden worden gearresteerd, waardoor aan de verzetsbeweging in het district Galela een einde kwam.
Bron: ARA 2.02.20 inv. 9855 ; BL/BK blz. 263
Lammerée, J.M.
Geboren in 1918.
Eltn. (16-04-1949), kapt. (01-05-1952), maj. (16-03-1960), ltkol. (01-11-1965), kol. (01-11-1970).
Bekende onderscheidingen: ON.4x,BL,OHK.1,OV.3,XXV
Bronzen Leeuw
K.B. no. 64 van 14 oktober 1949
Reserve-eerste luitenant van het Wapen der Infanterie
Bron: BL/BK blz. 227 ; NRLL 1974 blz. 52
Langen, D.R.A. van
Geboren in 1898.
Tltn.d.Inf.KNIL (31-07-1919), eltn. (10-11-1919), kapt. (02-08-1930), maj. (30-03-1940), ltkol. (21-08-1945), kol. (14-02-1946), genmaj. (16-08-1949).
Bekende onderscheidingen: BL,XXX
Bronzen Leeuw
K.B. no. 25 van 9 december 1949
Generaal-Majoor der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (981717000)
Bron: BL/BK blz. 227 ; KNIL blz. 85 ; NRLL 1923 blz. 658
Lankreyer, Antonius Christiaan
Geboren te Hilversum op 10 september 1918. Overleden te Roermond op 21 oktober 1993.
Tltn.d.Marns. KMR (29-09-1945), kapt. (01-10-1948), e.o. 01-10-1963.
Bekende onderscheidingen: BL,XV
Bronzen Leeuw
K.B. no. 50 van 28 augustus 1948
Tijdelijk kapitein der Mariniers
Bron: BL/BK blz. 228 ; Wo. 3090
Lapré, ir. Henry Pieter
Geboren te Soerabaia op 29 oktober 1895. Overleden in 1967.
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 10 van 11 januari 1950
Ingenieur bij de Nederlandse Spoorwegen
Lapré, Sjoerd Albert
Geboren te Batavia op 1 maart 1920. Overleden te Leidschendam op 2 februari 1999.
Res.tltn.d.Inf. (29-06-1941 GB 3), KNIL Legernummer 201501001 ; tltn.d.Inf.KNIL (01-01-1942), eltn. (06-06-1946), maj.d.Inf. (18-04-1959 KB 38), e.o. 17-11-1965, kol.d.Inf.-tit. (1997)
Bekende onderscheidingen: MWO.4,OHK,OV.4,XX,KLO,NOC.2
Ridder 4e klasse der Militaire Willems-Orde
K.B. no. 10 van 7 januari 1950
Eerste luitenant der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Wegens:
Het zich onderscheiden hebben door uitstekende daden van moed, beleid en trouw.
Na reeds sedert April 1947 als commandant van een tirailleurcompagnie te hebben uitgemunt, heeft luitenant LAPRÉ in het bijzonder op 19 December 1948 bij de tweede politiële actie tijdens de opmars van onze troepen van Gombong naar Poerworedjo blijk gegeven van een zeer snelle en juiste besluitvaardigheid, van gedurfd initiatief en felle doorzettingskracht, daarbij eigen levensgevaar niet achtend.
Ingedeeld als commandant van de gemotoriseerde spits der Colonne IV, welke op 19 December 1948 de opmars van Gombong naar Magelang inzette, heeft luitenant LAPRÉ, nadat een deel van deze spits, tengevolge van het door de brug zakken van de daarbij ingedeelde bulldozer van hem werd gescheiden en zijn sterkte met 2 pelotons infanterie, de mortieren en het pantserafweergeschut was verzwakt, nochtans met deze nagenoeg gehalveerde spits met grote voortvarendheid en onverschrokkenheid zijn opdracht om als eerste marsdoel Premboen te bezetten uitgevoerd, daarbij onderweg de tegenstand snel brekend en de vijand gevoelige verliezen toebrengend.
Na zich van Premboen te hebben verzekerd, heeft hij ondanks zijn geringe sterkte bestaande uit: 1 scoutcar, 1 tank, 1 sectie infanterie, 1 groep carriers, 1 commandojeep, 1 art. waarnemer in gep.15 cwt en 1 drietonner met springmiddelen, geheel op eigen initiatief snel en krachtig weten door weten te stoten naar Poerworedjo en die stad door een even stoutmoedig als tactisch juist beleid van vijanden gezuiverd en nagenoeg onbeschadigd vast in handen gekregen, evenals de verder naar het Oosten gelegen en in tact gebleven belangrijke verkeersbrug over de Bogowonto.
Bron: Maalderink blz. 311 ; Steur blz. 150-161 ; KNIL blz. 65,102
Lasoet, Albert Elfiunus
Bekende onderscheidingen: KV
Kruis van Verdienste
K.B. no. 32 van 30 november 1949
Manadonees wachtmeester der tweede klasse der cavalerie van het Koninklijk Nederlands-Indonesisch Leger, stamboeknummer 259954
Heeft zich in verband met vijandelijke actie door moedig en beleidvol optreden onderscheiden en daarmede het belang van het Koninkrijk gediend door zijn onvermoeid en tactisch juist patrouilleren de orde en rust terug weten te brengen in zijn patrouillegebied, het onderdistrict Soemberajoe, waardoor verschillende, daarin gelegen, ondernemingen konden blijven doorwerken.
Voorts door op 29 Maart 1949, tijdens een patrouille naar de onderneming Soemberajoe, een T.N.I.-officier weten te arresteren, zodat in verbinding kon worden getreden met diens afdeling van ongeveer 50 man, waarvan zich later het grootste gedeelte met hun wapens aanmeldde.
Bron: ARA 2.02.20 inv. 9855
Latuihamallo, D.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 23 van 16 september 1948
Ambonees korporaal van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 228
Latuparissa, J.
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 19 van 27 december 1948
Ambonees sergeant-ziekenverpleger van het Koninklijk Nederlands-Indonesisch Leger
Bron: BL/BK blz. 169,264
Laurens, Fleuris Desiré
Geboren te Batavia op 6 maart 1917. Overleden te Oegstgeest op 13 april 1997.
Legernummer 171506002 ; Tltn.d.Inf.KNIL (29-11-1938), eltn. (30-06-1941), kapt. (24-03-1947), kapt.d.Inf. (05-01-1949), maj. (30-04-1955), ltkol. (01-05-1961), e.o. 31-12-1965.
Directeur van het Gemeentelijk Jongensinternaat te Ter Apel (1967-1970), Hoofd A-Kring Zuid-Holland-A van de Dienst Bescherming Bevolking te Leiden (1970-1978), Hoofd A-Kring Zuid-Holland-B van dito (1978-1982), pensioen 01-05-1982.
Bekende onderscheidingen: ON.5x,BL,BK,OHK.1,OV.4,XV,KNIL,KLO.2,NOC,TMPT.3,DIG
Bronzen Leeuw
K.B. no. 23 van 25 maart 1949 ; uitgereikt door luitenant-generaal D.C. Buurman van Vreeden te Batavia op 12 augustus 1949
Kapitein der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd tegenover de vijand onderscheiden doorin het jaar 1947 als commandant van tactische gevechtseenheden in Zuid-Sumatra met een bewonderenswaardig doorzettingsvermogen overmachtige, fanatieke en goedbewapende terroristische benden met dermate élan aan te grijpen, dat deze dusdanig werden gedemoraliseerd en verdreven, dat binnen korte tijd weer rust en veiligheid in de goedgezinde kampongs kon worden gebracht.
In het bijzonder door persoonlijk te leiden:
| a. |
op 21 Juli 1947 een nachtelijke aanval op het versterkte bruggehoofd bij Moears Merandjat, waarbij deze belangrijke verkeersbrug onbeschadigd in handen kwam; |
| b. |
op 22 Juli 1947 gevechten om de brug op de verbindingsweg Tandjoeng Radja Agoeng, waarbij deze brug, waarvan het dek reeds in brand stond, stormenderhand werd genomen, zodat de brand tijdig kon worden geblust; |
| c. |
op 4 Augustus 1947 nachtelijke acties tegen terroristenbenden bij Kampong Kemelah; |
| d. |
op 5, 11, 17 en 20 Augustus 1947 gevechten bij station Batoeradja; bij Sepantjar; tussen Sepantjar en Martapoera en bij Batoe Koening (Batoeradja), waarbij tijdens al deze gevechten aan eigen zijde slechts een enkele gewonde viel, terwijl de terroristen vele gesneuvelden, gewonden, gevangenen en een groot aantal wapenen en munitie verloren. |
Bronzen Kruis
K.B. no. 75 van 27 januari 1947
Eerste luitenant der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Als patrouille- en detachementscommandant zich in de periode van 19 April tot en met 31 Mei 1946 te Bali onderscheiden door groote voortvarendheid.
Heeft voorts op den 12e April 1946 als commandant van de dekking van een auto-transport van Singaradja naar Batoe-Riti (Bali) uitnemend beleid, onverschrokkenheid en doortastendheid betoond, door, - zonder verliezen aan eigen zijde - een hinderlaag van met karabijnen en handgranaten gewapende vijanden te vernietigen, waarbij de vijand 10 dooden verloor en 4 extremisten werden gevangen genomen, alsmede wapens en handgranaten werden buitgemaakt.
Bron: BL/BK blz. 187,228,264 ; NRLL 1956 blz. 17 ; KNIL blz. 98 ; Decorare 19, blz. 14-24 ; met dank aan de heer P. Gelton
Leer, J. van der
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 10 van 8 november 1950
Kapitein der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 228
Lems, Cornelis Gerardus
Geboren te Zeist op 5 mei 1917.
Tltn.d.Marns. (12-08-1939 KB 95), maj.d.Marns. (01-01-1949), e.o. en maj.d.Marns.KMR (01-06-1955 KB 19), e.o. 01-10-1962 KB 33
Bekende onderscheidingen: MWO.4,OHK.1,OV.4,XX,H.1937,KLO.2,NOC,O.5
Ridder 4e klasse der Militaire Willems-Orde
K.B. no. 59 van 28 februari 1949
Tijdelijk majoor der Mariniers
Wegens:
Het zich in de strijd onderscheiden hebben door uitstekende daden van moed, beleid en trouw, bedreven als commandant van een Infanterie-compagnie van het 2e Infanterie-bataljon der Mariniers-brigade van Maart 1946 tot Augustus 1947 en daarna als Staf-officier operatiën, bij de Mariniers-brigade, tijdens de politiële actie in 1947 en bij de pacificering van het bij deze actie weder onder Nederlands gezag gebrachte gebied;
door het uitvoeren van een groot aantal verkennings- en beveiligingspatrouilles in het door de extremisten bezette gebied, het voorbereiden en uitvoeren van verscheidene acties op grotere schaal, bij welke patrouilles en acties tezamen aan de extremisten zware verliezen ook aan munitie en wapens werden toegebracht, bij welke acties de eigen verliezen zeer gering bleven;
hebbende hij gedurende deze acties vele malen blijk gegeven van persoonlijke moed, uitstekend beleid, juist inzicht en grote doortastenheid, door zich zonder eigen levensgevaar te achten, onder het vuur van de tegenpartij aan het hoofd van zijn troep te stellen en deze door zijn moedig voorgaan tot bijzondere prestaties te bezielen;
waarbij in het bijzonder te vermelden:
1e. de aanval op het wegenkruispunt nabij Kampong Legoendi op 21 November 1946.
2e. het forceren van de overgang over het Kemasan-Kanaal op 8 Januari 1947.
in welke beide gevallen hij aan het hoofd van zijn troep de aanval leidde.
3e. de zware nachtelijke tocht van de gemotoriseerde colonne tijdens de bezettingsacties tegen Modjokerto van 17 op 18 Maart 1947.
4e. de gecombineerde actie van de bezetting van Asem Bagoes op 5 September 1947.
Bron: Maalderink blz. 312 ; Wo.2526
Lewis, J.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 10 van 11 januari 1950
Inspecteur van Politie
Bron: BL/BK blz. 228
Lindelauff, Karel Hubert Jozef
Geboren te Heerlen in 1915. Overleden te Geleen op 19 juli 1980.
Res-kapt.d.Inf. (26-05-1948).
Bekende onderscheidingen: BL,OV.3
Bronzen Leeuw
K.B. no. 64 van 14 oktober 1949
Tijdelijk reserve-eerste luitenant voor algemene dienst van de Koninklijke Landmacht
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd tegenover de vijand onderscheiden op 7 September 1948 als patrouille-commandant tijdens een gevechtsactie beneden bij kampong Pengerasan (Midden-Java).
In het bijzonder door, toen tengevolge van de vijandelijke overmacht en het ontstane tekort aan munitie het noodzakelijk was terug te trekken, bemerkende dat de patrouille door de benden was omsingeld, tezamen met een sergeant van zijn patrouille met grote onverschrokkenheid een doorbraak weten te forceren en daarbij de vijand tevens gevoelige verliezen toe te brengen.
Voorts door het tonen van persoonlijke moed door onder zwaar vijandelijk vuur een in een open sawah achtergelaten bren op te halen, teneinde te voorkomen dat dit wapen in handen van de vijand zou vallen.
Tenslotte door, nadat zijn patrouille versterking had ontvangen, zonder te letten op eigen levensgevaar en zijn vermoeidheid, naar het gevechtsterrein terug te keren om drie achtergebleven en ingesloten eigen militairen te ontzetten, waartoe hij wederom onder zwaar vijandelijk vuur open terrein moest overschrijden.
Door dit onverschrokken optreden te bereiken dat het moreel van de door omsingeling zwaar beproefde patrouille behouden bleef.
Bron: BL/BK blz. 228 ; NRLL 1956 blz. 86 ; met dank aan Hubert Lindelauff (kleinzoon)
Linden, C.H. van der
Bijzonder vermeld in de Brigade-Order
11 mei 1946
Sergeant der eerste klasse bij het 1e Bataljon, 5e Regiment Infanterie
Onderscheidde zich tijdens de actie bij de kampong Margasari in het bijzonder, door tijdens een met sterke krachten ondernomen vijandelijke aanval, met het doel een op een mijn gelopen paw. in handen te krijgen, onder vijandelijk vuur met de grootste koelbloedigheid deze paw. op te takelen, daardoor zeer veel bijdragende tot het behouden terugbrengen van die paw. Bovendien de geest van de troep daardoor op bijzondere wijze stimulerend.
Bron: Gedenkboek 1-5 R.I.
Linssen, G.J.
Geboren op 25 augustus 1920.
Legernummer 20.08.25.009.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 29 van 12 mei 1951
Eervol ontslagen dienstplichtig sergeant van het Wapen der Infanterie
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd tegenover de vijand onderscheiden in de jaren 1947 en 1948 tijdens acties tegen terroristische benden in WEST-JAVA.
In het bijzonder:
1e. door op 1 Augustus 1947 als leider van een verkenningsactie bij SOEMEDANG (WEST-JAVA), niettegenstaande een ongeveer 20-voudige overmacht van in goed gekozen en goed voorbereide stellingen verschanste benden, welke waren bewapend o.a. met zware mitrailleurs en mortieren, waaronder minstens één 3 inch mortier, ondanks voortdurend zwaar vijandelijk vuur met grote persoonlijke moed en voorbeeldig beleid zijn troepen zò dicht de stellingen weten te doen naderen, dat daarvan naukeurige gegevens omtrent plaats, indeling en opstellingin het bijzonder van mitrailleurs en mortieren konden worden verkregen, waardoor tevens werd bereikt dat de artillerie, zonder verdere waarnemingen, deze opstellingen later op doeltreffende wijze kon beschieten.
Vervolgens door zijn persoonlijk koelbloedig voorbeeld en zijn op oordeelkundige wijze uit de voorste lijn gegevens bevelen te bereiken, dat zijn detachement, waarvan enkele onderdelen zich in een netelige positie bevonden, zich konden loswerken en zijn troep zonder verliezen te lijden weer het uitgangspunt wist te bereiken.
2e. door op 17 Juni 1948 met slechts drie man een verkenning uit te voeren naar kampong TJOEKANG en toen hij met zijn groep plotseling door een 50-tal met automatische wapens en geweren toegeruste Sabillilah’s van verschillende zijden op fanatieke wijze werd aangevallen, op onverschrokken en hoogst beleidvolle wijze nochtans aan een omsingeling weten te ontkomen en veilig de terugtocht te volbrengen.
3e. door op 18 Juni daaraanvolgende, na wederom bij kampong TJOEKANG in hevige gevechten te zijn geraakt met een overmachtige terroristische bende, waarbij reeds dadelijk een dode en enige gewonden vielen, door rustig en koelbloedig optreden weten te bereiken dat de gewonden, mede door zijn persoonlijk verleende hulp in veiligheid konden worden gebracht.
Vervolgens door tijdens het transport van zijn gewonden op zeer goede wijze het achterhoedegevecht in zeer onoverzichtelijk terrein te leiden en toen de troep tenslotte door de benden was afgesneden en munitiegebrek optrad, tijdens een ongeveer vier uren durende verdediging door zijn houding en voorbeeld, ondanks dat hij tot tweemaal toe werd gewond, het peloton zodanig weten te inspireren, o.a. door zelf met een bren te schieten, dat kalm en vastberaden werd standgehouden totdat versterking kwam opdagen en de terugtocht kon worden aanvaard.
Bron: BL/BK blz. 228 (NB. geeft rang als res-eltn.d.Inf.) ; met dank aan de heer B. Keers
Lokollo, F.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 21 van 15 november 1947 (postuum)
Ambonees korporaal der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 228
Los, H.J.
Bijzonder vermeld in de Brigade-Order
15 juni 1946
Sergeant-majoor (180121000) bij het 1e Bataljon, 5e Regiment Infanterie
De patrouille onder commando van de Kapitein C. Knulst ter sterkte van twee pelotons, onder-commandanten de sergeanten-majoor K.H. Knebbeling, Nr. 160800000, J. Duyker, Nr. 191105001 en H.J. Los, Nr. 180121000, wordt in de Brigade-orders bijzonder vermeld voor de wijze, waarop zij het gevecht met de vijand heeft aangehouden en doorgezet op 24 Juni 1946 bij kampong Pangoritan (96.17 Kaartblad 39/XXXIX D). Buit zestien vuurwapens, waaronder vier automatische.
Bron: Gedenkboek 1-5 R.I.
Lotar, Herling
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 32 van 30 november 1949
Politieagent der tweede klasse bij de dienst van de algemene politie in Indonesië
Heeft zich door moedig optreden tegenover de vijand onderscheiden door op 12 Januari 1949 tijdens een gevechtsactie tegen terroristische benden in het district Galela van de onderafdeling Tobelo (Halmaheira).
Ingedeeld bij een politiepatrouille van 6 man, onder commando van een politieagent 1e klasse, nam hij deel aan een actie tegen een ongeveer 30 man sterke en goed bewapende verzetsbende, die was uitgerust met mitrailleurs, karabijnen en handgranaten en die zich in een tevoren gereed gemaakte stelling hadden verschanst.
Ondanks de vijandelijke overmacht tastte de patrouille met grote onverschrokkenheid de vijand krachtig aan en drong, zonder zelf verliezen te lijden, de stelling binnen, waarbij 3 verzetslieden sneuvelden, 3 gewond werden en 4 gevangen genomen werden, terwijl de rest, onder achterlating van o.a. 6 mitrailleurs en een grote hoeveelheid munitie, de vlucht nam.
Door het vernietigen van deze verzetskern werd bereikt, dat gedurende enkele volgende dagen ongeveer 70 personen konden worden gearresteerd, waardoor aan de verzetsbeweging in het district Galela een einde kwam.
Bron: ARA 2.02.20 inv. 9855 ; BL/BK blz. 255 (NB. geeft naam als L. Herling)
Lynden, mr. Frank Wolfaert Boudewijn baron van
Geboren te Amsterdam op 23 november 1918. Overleden te Wassenaar op 2 december 2000.
Advocaat en kantonrechter-plaatsvervanger, oud-lid Provinciale Staten van Zuid-Holland, lid Hoge Raad van Adel, oud-res.-maj. der cavalerie, coadjutor der Johanniter Orde.
Bekende onderscheidingen: NL.3,ON.3,HO.III,BK,OHK.1,OV.1,IM.1948,H.1966,KVNRK,MNRK
Bronzen Kruis
K.B. no. 52 van 13 maart 1950
Reserve-eerste luitenant der Mariniers
Bron: BL/BK blz. 266 ; Six blz. 110,113,129,141 ; Decorare 7 blz. 39-46 ; NA 1977 blz. 200
Maaskant, J.
Geboren op 27 november 1912.
Legernummer 12.11.27.000.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 6 van 24 augustus 1950
Reserve-eerste luitenant voor algemene dienst
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd tegenover de vijand onderscheiden door op 18 Juli 1949 op de cultuuronderneming “Pagilaran” (Midden-Java), toen bij het aanbreken van de dag een bende goed bewapende kwaadwilligen van ongeveer 200 man plotseling het woningcomplex met aangrenzende tuin aanviel, hieraan met karabijn en pistool en slechts gesteund door de, met een jungle-karabijn bewapende, machinist van deze onderneming, op onverschrokken wijze onder zeer zwaar van nabij afgegeven vijandelijk vuur taai weerstand te bieden.
In het bijzonder door, hoewel hij tot vijfmaal toe werd gewond, waardoor hij tenslotte het bewustzijn verloor, gedurende twee uren van zware strijd en telkens herhaalde vijandelijke aanvallen onverschrokken stand te blijven houden, waarbij hij door zijn koelbloedig achtereenvolgens op verschillende plaatsen afgegeven uitmuntend gericht vuur op zeer korte afstand een groot aantal vijanden deed sneuvelen.
Door dit zo bijzonder moedig optreden tegenover een grote overmacht te bereiken dat de vijand telkens aarzelde in de woning binnen te dringen en terugtrok.
Bron: BL/BK blz. 228
Martens, C.A.
Bekende onderscheidingen: BL.2
Bronzen Leeuw
K.B. no. 10 van 7 januari 1950 (2e toekenning)
Kapitein der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bronzen Leeuw
K.B. no. 20 van 13 september 1947
Kapitein der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 69,229
Mastrigt, A.L. van
Geboren op 24 maart 1908.
Legernummer 080324006 ; tltn.d.Art. (03-08-1930), maj. (01-11-1948), ltkol. (01-07-1953).
Bekende onderscheidingen: BL,OHK.1,OV,XXV
Bronzen Leeuw
K.B. no. 98 van 31 maart 1952
Majoor van het Wapen der Infanterie
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd tegenover de vijand onderscheiden als commandant van het Iste Bataljon infanterie van het voormalig Koninklijk Nederlands-Indonesisch Leger dat te MAKASSAR was gelegerd en in de periode 15/18 Mei 1950 in alarmtoestand verkeerde als gevolg van het optreden van guerillabenden in de omgeving der kampementen, welke benden een ongeregeld vuur onderhielden en bij wijlen plotseling tot overvalling overgingen. Van de zijde der Nederlandse militaire autoriteiten werd tot grote kalmte en zelfbeheersing aangespoord en moest iedere agressieve actie worden vermeden.
Ondanks de uiteraard moeilijke omstandigheden, die uit een en ander voortvloeiden, wist Majoor Van Mastrigt de leiding over de meer en meer in staat van opwinding gerakende inheemse troepen onder zijn bevel in handen te houden, daarin bijgestaan door enkele officieren en een aantal onderofficieren. Hij hield de guerilla’s op veilige afstand en schoot slechts wanneer een andere oplossing niet mogelijk was.
Op 17 Mei besloot hij persoonlijk en ongewapend naar het A.P.R.I.S. (Angkatan Perang Republik Indonesia Serikat) Commando te MAKASSAR te gaan om te trachten na mondeling overleg met de militaire autoriteiten der A.P.R.I.S. de actie der guerilla’s gezamenlijk te keren.
Op 18 Mei begaf hij zich wederom persoonlijk en ongewapend buiten het kamp om poolshoogte te nemen van de bewegingen aan de zeezijde van MAKASSAR waar troepen werden geland, en vervolgens ging hij nogmaals op eigen initiatief naar de Oostzijde buiten het kampement om een plotseling en dreigend conflict van A.P.R.I.S.-troepen en eigen bewaking in de kiem te smoren.
Bij al deze acties werkte zijn voorbeeld stimulerend op de eigen troep en imponerend op de A.P.R.I.S.-autoriteiten, die deswege hun medewerking verleenden tot een beëindiging van het conflict dat reeds een aantal doden en gewonden had gekost.
Bron: ARA 2.02.32 inv. 618 ; BL/BK blz. 229 ; NRLL 1956 blz. 191
Masung
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 75 van 27 januari 1947
Menadolees sergeant der tweede klasse van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 229
Matahelemuel
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 75 van 27 januari 1947
Ambonees fusilier der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 229
Meer, P.H. van der
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 45 van 8 augustus 1950
Luitenant-kolonel der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 229
Meerdink, Engelbartus Frederik
Geboren te Semarang, Java, op 18 januari 1920.
Eltn.d.Marns. (01-09-1945), Maj.d.Marns. (01-09-1954), LTZ(SD)1 (01-04-1960), pensioen en LTZ(SD)1 KMR (01-10-1964), e.o. 01-10-1965.
Bekende onderscheidingen: BL,OHK.1,OV.4,XX,KLO,NSF,TMPT
Bronzen Leeuw
K.B. no. 41 van 6 maart 1950 ; uitgereikt door vice-admiraal F.J. Kist op de marinierskazerne te Oedjoeng in juni 1950
Kapitein der Mariniers
Wegens:
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd onderscheiden in de maanden December 1948 en Mei 1949 tijdens patrouilleacties tegen terroristische benden op Oost-Java. In het algemeen door zijn moedig, enthousiast en kundig optreden zijn meestentijds uit vrijwilligers bestaande groep van schrijvers, koks, facteur en chauffeurs bij voortduring bij verschillende dikwijls onverwachte ondernemingen weten te bezielen en deze aldus tot een goed einde weten te brengen. Voorts bovendien zich weten te onderscheiden door:
1e. in de nacht van 28 op 29 December 1948 de opdracht uit te voeren om een colonne welke bij Djombang op ernstige weerstand stuitte van munitie te voorzien en, toen de commandant van deze colonne ernstig bleek te zijn gewond en hem het commando daarover werd opgedragen, na het in korte tijd breken van de tegenstand Djombang te bezetten. Voorts door tijdens de zuivering van Djombang, toen de bende onder het afgeven van mortier-, mitrailleur- en geweervuur opnieuw aanviel, deze aanval af te slaan, waarbij terroristen sneuvelden en hij bovendien een grote hoeveelheid wapenen, munitie en springstoffen buitmaakte.
2e. op 2 Mei 1949 tijdens een zuiveringsactie Noord van Soemobito spontaan en met groot elan alleen en bij verrassing over een grotendeels vernielde brug naar voren te stormen en er in te slagen 3 terroristen aan de overzijde onschadelijk te maken, waarop de rest van de bende op de vlucht sloeg.
3e. op 12 Mei daaraanvolgende, toen hij zich bij een colonne bevond, welke een actie uitvoerde in de omgeving van Modjowarno, op bijzonder moedige wijze in de nacht een verdachte kampongwoning binnen te dringen, waarin hij ondanks schaarse verlichting op onverschrokken wijze 2 tegenstanders buiten gevecht stelde.
Bron: BL/BK blz. 172,229 ; Wo.2974
Messing, Paul
Geboren te Baarn op 17 juli 1923. Overleden te Hilversum op 4 december 2010.
Res-ritm.d.Cav.
Bekende onderscheidingen: BL,OV,DIV
Bronzen Leeuw
K.B. no. 64 van 14 oktober 1949
Reserve-tweede luitenant van het Wapen der Cavalerie
Heeft zich door het bedrijven van bijzonder moedige en beleidvolle daden in de strijd tegenover de vijand onderscheiden:
| 1. |
op 28 Augustus 1947 als opvolgend pelotonscommandant tijdens een nachtpatrouille, hoewel zelf tijdelijk blind aan beide ogen als gevolg van het ontploffen van een vijandelijke handgranaat onder de zitting van zijn brencarrier, op zeer kalme wijze orders te geven voor het onmiddellijk verbinden van de zwaargewonde chauffeur van zijn bren-carrier en deze daardoor het leven te redden; |
| 2. |
Op 18 Januari 1948 als commandant van een patrouille van zeven man, toen hij bij het naderen van de kampong Boled (West-Java) daaruit vijandelijk vuur ontving, op moedige en vastberaden wijze deze kampong met zijn zwakke patrouille te bestormen niettegenstaande hij onder vuur van twee vijandelijke zware mitrailleurs kwam.
Vervolgens door, toen na deze geslaagde aanval de oprukkende overmachtige vijand dreigde zijn patrouille te omsingelen, op een goed gekozen ogenblik en punt deze benden onder vuur te nemen met de juist op hen buitgemaakte mitrailleur, om daarna wegens munitiegebrek zijn patrouille terug te trekken en veilig thuis te brengen; |
| 3. |
Op 19 Februari 1948 tijdens de actie bij kampong Djereged, toen hij met zijn patrouille in een goed opgezette vijandelijke hinderlaag viel, door beleidvol optreden te voorkomen dat ernstige verliezen werden geleden door zijn patrouille kalm te leiden en onder dekkingsvuur van de bren man voor man uit een geheel open sawagebied terug te nemen.
Voorts door, toen nagenoeg al zijn mortiergranaten, welke nat waren geworden, weigerden en hij daardoor geen vuuroverwicht kon verkrijgen op de in aantal veel sterkere vijand, die hem van drie zijden bestookte, het gevecht af te breken toen bovendien munitie gebrek hem daartoe noodzaakten daarna in het moeilijke terrein op beleidvolle wijze zijn patrouille te leiden, zodat deze met slechts twee gewonden weer veilig het bivak kon bereiken. |
Bron: BL/BK blz. 229 ; met dank aan de heer W.F.J. Elgers
Meuwsen, H.J.A.
Geboren op 9 februari 1914.
Legernummer 14.02.09.001.
Bekende onderscheidingen: KV
Kruis van Verdienste
K.B. no. 6 van 24 augustus 1950
Tijdelijk benoemd reserve-eerste luitenant voor algemene dienst
Heeft zich in verband met vijandelijke actie door moedig en beleidvol optreden onderscheiden en daarmede het belang van het Koninkrijk gediend tijdens de 1e politionele actie in 1947 en in de maanden September, October en November 1947 in West-Java als radio-officier ingedeeld bij de gevechtsstaf van de “W” Brigade.
In het bijzonder:
| 1e. |
door na aankomst van de gevechtsstaf te Lembang, toen tengevolge van de slechte weersomstandigheden het contact met de aanvallende troepen herhaaldelijk verloren ging, onder moeilijke omstandigheden door middel van veld-telefoon en later door radioverbinding de verbinding opnieuw tot stand te brengen en verder te onderhouden. |
| 2e. |
door tijdens de acties in de maanden September en October 1947 in dde omstreken van Tegal, Belik, Boemiajoe, Soemadang en Tjitalengka de voor deze acties bevolen verbindingen op zeer vlotte wijze tot stand te brengen, waarbij hij persoonlijk vele malen met goede uitkomst verkenningen per Auster boven vijandelijk gebied uitvoerde. |
| 3e. |
door tijdens de zuiveringsactie Zuid van Garoet in de maanden October en November 1947 persoonlijk en onder het aanvaarden van grote risico’s de verbinding van een vervooruitgeschoven bataljon met de Brigadestaf door een gebied hetwelk pas was veroverd, te herstellen. |
| 4e. |
Tenslotte door eind Februari 1949, ingedeeld als radio-officier bij een afdeling van drie pelotons, welke Zuid van Gombong ver in het vijandelijke gebied een bende moest opsporen, de radio-verbinding tijdens deze actie op voorbeeldige wijze in stand te houden. |
Door zijn voorbeeldige plichtsbetrachting, hoog moreel en vakbekwaamheid veel tot de successen van de “W” Brigade bij te dragen.
Bron: met dank aan de heer B. Keers
Meyer, J.W.
Geboren op 25 oktober 1924.
Legernummer 24.10.25.014 ; Eltn.d.Cav. (13-05-1949), ritm. (16-04-1954).
Bekende onderscheidingen: KV,OV,KRV.1,UNKOR,KWM,BSTR.v
Kruis van Verdienste
K.B. no. 29 van 12 mei 1951
Reserve-eerste luitenant van het Wapen der Cavalerie
Heeft zich in verband met vijandelijke actie door moedig en beleidvol optreden onderscheiden en daarmede het belang van het Koninkrijk gediend door op 27 Juli 1949, toen in een loods, in gebruik als benzine-opslagplaats, op het “Netherlands Indies Petrol Board” terrein nabij het station Balapan te SOLO door ’s vijands toedoen een benzinebrand was ontstaan, waardoor zeer groot gevaar bestond dat de gehele tweede lijns B.O.S. voorraad van de “V” Brigade verloren zou gaan, dit gevaar af te wenden.
In het bijzonder door, zonder acht te slaan op persoonlijk gevaar, onmiddellijk nadat hij ter plaatse was aangekomen en de dreigende uitbreiding van de brand had vastgesteld, de juiste maatregelen te nemen om uitbreiding van deze felle brand zoveel mogelijk te voorkomen.
Daartoe zelf met een brandblusapparaat te werken en mede te helpen vaten benzine te verrollen terwijl reeds vlammende vlokken benzine, afkomstig van exploderende vaten benzine, overal in zijn nabijheid neerkwamen.
Door zijn doortastend en moedig optreden, waarbij hij een grote verantwoordelijkheid dorst te aanvaarden, en zijn goed voorbeeld aan de te zijner beschikking gestelde militairen, te bereiken dat de brand werd beperkt en ongeveer 200 drums benzine in veiligheid konden worden gebracht.
Bron: met dank aan de heer B. Keers
Meijer, Johannes Kroese
Geboren te Semarang, Nederlands-Indië, op 13 mei 1898. Overleden te Connecticut, Verenigde Staten, op 25 november 1972.
Tltn.d.Inf.KNIL (12-08-1918 KB 68 miv. 12-08-1918), eltn. (30-04-1919), kapt. (30-05-1929), maj. (30-04-1939), genmaj. (28-06-1948 KB 45), e.o. 29-07-1949 KB 37
Stafofficier bij de Koninklijke Nederlandsche Brigade Prinses Irene (1941-1942), militair en territoriaal commandant in Suriname (1942 - juli 1943), commandant der Grondtroepen in Australië (1943-1945)
Bekende onderscheidingen: MWO.4,OV,XXV,Mk,LoM.3
Ridder 4e klasse der Militaire Willems-Orde
K.B. no. 43 van 11 juni 1948 (reg.nr. 5602)
Kolonel der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Wegens:
Het zich in de strijd onderscheiden hebben door uitstekende daden van moed, beleid en trouw te bedrijven in de maanden Juli t/m Augustus 1947 tijdens de politiële acties in West- en Midden Java als Commandant van de "V" Brigade.
Na een zorgvuldige voorbereiding heeft hij de opdracht om na het doorbreken van het Bandoeng Oost-front met zijn Brigade Cheribon te bezetten en vervolgens over Tegal naar Poerwokerto en Tjilatjap op te rukken, waarbij een bruggehoofd op de Zuidelijke oever van de Kali Seraja moest worden gevormd, met grote voortvarendheid en beleid uitgevoerd, zodat als gevolg van de volkomen verrassing stad en haven van Cheribon onvernield bleven en op verschillende plaatsen grote groepen Chinezen bevrijd konden worden.
In het bijzonder heeft hij tijdens het verdere verloop der operatie moedig initiatief en snelle besluitvaardigheid betoond door met aanvaarding van grote risico's, doch op grond van een juist tactisch inzicht, af te wijken van de hem door zijn Divisie-Commandant uitdrukkelijk bevolen opmarsweg en met zijn Brigade, waarbij ruim 1200 motorvoertuigen, langs een slechte nog onvoldoende werkende, secundaire weg door bergterrein en over zwakke bruggen naar Poerwokerto uit het Oosten in plaats van uit het Westen door te stoten. Door dit verrassend snel optreden werden de gestelde operatiedoelen bereikt.
Bij al deze acties heeft hij zich steeds bij de voorste afdelingen van zijn Brigade bevonden en droeg zijn bezielend en meermalen van grote persoonlijke moed getuigend voorbeeld er belangrijk toe bij dat de "V" Brigade een opvallend snel en groot succes ten koste van geringe verliezen behaalde.
Bron: Maalderink blz. 313 ; Schlegel blz. 74 ; KNIL blz. 66
Meijer, K.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 64 van 14 oktober 1949
Reserve-tweede luitenant van het Wapen der Infanterie
Bron: BL/BK blz. 229
Middel, P.J.G.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 44 van 16 juni 1950
Soldaat der eerste klasse der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 229
Mododake
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 75 van 27 januari 1947
Menadolees korporaal van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 229
Montanari, Ch.E.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 19 van 27 december 1949
Adjudant-onderofficier der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 229
Monterie, C.
Bekende onderscheidingen: BL
Bronzen Leeuw
K.B. no. 43 van 23 februari 1950
Reserve-eerste luitenant voor algemene dienst van de Koninklijke Landmacht
Bron: BL/BK blz. 229
Morêe, Gabriél Hendrik ('Henk')
Geboren te Zwijndrecht op 26 augustus 1925. Overleden te Zuidland op 24 mei 2009.
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 64 van 14 oktober 1949
Dienstplichtig soldaat van het Wapen der Genie
Heeft zich door moedig gedrag tegenover de vijand onderscheiden door op 1 November 1947 op de weg bij Bendoengan West-Java, tijdens een vuuroverval van terroristische benden op de Genie-werkploeg waarvan hij deel uitmaakte met inzet van zijn leven, onder zwaar vijandelijk vuur met een andere soldaat een poging te wagen, onder dekking van eigen Bren-vuur, een zwaar gewonde soldaat in veiligheid te brengen, waarbij zij echter nadat het hun was gelukt de zwaargewonde enigszins dekking te bezorgen, gewond raakten.
Bron: Brons nr. 63, blz. 4 ; overlijdensadvertentie De Telegraaf dd. 26 mei 2009
Mulder, J.D.
Geboren op 18 september 1921.
Legernummer 21.09.18.008.
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 29 van 12 mei 1951
Reserve-eerste luitenant van het Wapen der Infanterie
Heeft zich door moedig optreden tegenover de vijand onderscheiden op 22 Januari 1949 als commandant van een patrouille ter sterkte van één peloton infanterie tijdens een zuiveringsactie tegen terroristische benden bij kampong TJIBOEBOER (WEST-JAVA).
In het bijzonder door zijn opdracht, om deze kampong TJIBOEBOER en omgeving van zich daarin bevindende benden te zuiveren, op beleidvolle en doortastende wijze uit te voeren, waarbij, zonder zelf verliezen te lijden, de tegenstander aanzienlijke verliezen werden toegebracht en bovendien een grote hoeveelheid wapenen, munitie en springstoffen werd buitgemaakt.
Door dit optreden te bereiken dat een ernstig verzetscentrum was uitgeschakeld.
Bron: met dank aan de heer B. Keers
Musch, Ferdinand Otto Boudewijn
Geboren te Salatiga op 2 november 1905. Overleden te Arnhem op 31 augustus 1971.
Tltn.d.GS. (31-07-1921), ltkol.d.GS. (01-05-1949), kol.d.GS. (30-06-1953), tijd.brig-gen.
Bekende onderscheidingen: BL,VOA,OHK,OV.2,XXV,KB.5
Bronzen Leeuw
K.B. no. 25 van 9 december 1949
Luitenant-kolonel der Infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger
Bron: BL/BK blz. 230 ; NRLL 1956 blz. 11,40 ; VOA blz. 170
Muskita, Dominggoes (Dominggus)
Geboren te Koetaradja op 13 juni 1913. Overleden te Malang op 17 maart 1949.
Bekende onderscheidingen: BK
Bronzen Kruis
K.B. no. 32 van 30 november 1949 (postuum)
Amboinees sergeant der infanterie van het Koninklijk Nederlands-Indonesisch Leger, stamboeknummer 26250
Heeft zich door moedig optreden tegenover de vijand onderscheiden door op 17 Maart 1949 als commandant van een patrouille tijdens een actie tegen terroristische benden bij kampong Sekarpoera (in het Malangse, Oost-Java), toen de patrouille tegenover een zeer sterke mate automatische wapenen en geweren bewapende bende kwam te staan, zonder zich te bedenken met zijn kleine groep de strijd tegen deze overmacht aan te binden.
Voorts door daarna op onverschrokken en tactisch juiste wijze de aanval in te zetten en te leiden, waarbij aan ’s vijands zijde 30 man sneuvelden, totdat hij zich tenslotte wegens munitiegebrek moest losmaken en terugtrekken, waarbij hij levensgevaarlijk werd verwond.
Bron: ARA 2.02.20 inv. 9855 ; BL/BK blz. 248 ;
www.ogs.nl (NB. geeft afwijkende voornaam en vermeldt op het graf BK.2)